Kwartaalmeting mei 2017

Middels deze meting wordt de voortgang van de jongeren gemeten op verschillende gebieden. Deze meting wordt door de begeleiders en mentoren van de jongeren ingevuld, in samenspraak met de jongeren. Hieronder worden de resultaten uitgelicht en gepresenteerd in cirkeldiagrammen. De gemeten punten zijn de werkhouding zowel thuis als op locatie, planning, de resultaten/cijfers, het zelfvertrouwen, en de haalbaarheid van het doel dat gesteld is.


Cirkeldiagram 1a: Werkhouding locatie


Cirkeldiagram 1b: Werkhouding thuis

De werkhouding in de onderwijsklas is van 95% van de jongeren voldoende. Van 65% van de jongeren is de houding zelfs goed tot prima te noemen. Hieruit blijkt dat de jongeren over het algemeen tijdens de onderwijsbegeleiding goed aan het werk zijn. Bij 5% van de jongeren is de werkhouding onvoldoende. Opvallend is dat de werkhouding thuis iets achterblijft ten opzichte van de werkhouding op locatie. Dit geeft aan dat de orde in de klas iets beter is dan de orde thuis. Dit is te verklaren door de rustige werksfeer in de klas waar met een betere concentratie gewerkt kan worden. Met jongeren met een redelijke tot onvoldoende werkhouding wordt in gesprek gegaan en afspraken gemaakt ten aanzien van de werkhouding.


Cirkeldiagram 2: Planning

Planning is voor 5% van de jongeren een struikelblok, maar eer vrij groot deel scoort hier redelijk op. Het is een belangrijk aandachtunt voor begeleiders om in de gaten te houden. In het handboek kunnen begeleiders terugvinden hoe zij deze jongeren goed kunnen ondersteunen.


Cirkeldiagram 3: Resultaten/cijfers

Uit de resultaten blijkt dat de behaalde cijfers bij maar liefst 97% van de jongeren voldoende tot prima zijn als dat vergeleken wordt met het gestelde doel. Niemand scoort een ruim onvoldoende op zijn resultaten. Er zal extra aandacht zijn voor de jongeren waarvan de resultaten onvoldoende zijn (3%). Elke situatie moet daarvoor individueel bekeken worden.


Cirkeldiagram 4: Motivatie

Bij het overgrote deel van de groep is de motivatie voldoende tot prima (89%). Dit is een belangrijk gegeven. Zolang de jongeren gemotiveerd zijn, zijn ze ook bereid ervoor te gaan en zal dit ten goede komen aan hun cijfers, werkhouding en daarmee ook hun zelfvertrouwen. Bij een klein deel van de jongeren is de motivatie (ruim) onvoldoende (11%). Hiermee zal in gesprek worden gegaan. Het is goed om uit te zoeken waar deze demotivatie vandaan komt. Wellicht spelen andere omstandigheden een rol. Een extra steuntje in de rug kan de motivatie weer verhogen.


Cirkeldiagram 5: Zelfvertrouwen

Het zelfvertrouwen van de meeste jongeren komt naar voren als voldoende tot prima. Uit de resultaten blijkt dat 10% van de jongeren te weinig zelfvertrouwen heeft. Dit is een belangrijk aandachtspunt voor de begeleiders, tijdens de onderwijsbegeleiding. Meer zelfvertrouwen bij een leerling zorgt ervoor dat een leerling meer gemotiveerd is en zich meer competent voelt.


Cirkeldiagram 6: Haalbaarheid doel

De meeste doelen die jongeren zichzelf stellen met betrekking tot de schoolresultaten voor dit schooljaar, zijn goed tot prima haalbaar (70%). Eenvierde van de jongeren stelt doelen die redelijk haalbaar zijn. Slechts bij 5% is het doel onvoldoende behaald. Deze jongeren zullen hun doelen moeten bijstellen. Dit gebeurt in samenspraak met de begeleider en mentor.

Conclusie
Op alle onderzochte gebieden blijkt dat de meeste jongeren positief scoren. Vrijwel alle jongeren functioneren op alle gebieden voldoende tot prima. Een kleine groep jongeren toont nog onvoldoende inzet en behaalt onvoldoendes. Het is van belang om met deze jongeren in gesprek te gaan en bij te sturen waar mogelijk. Hiervoor zijn de onderwijsbegeleiders en de mentoren verantwoordelijk.